Hoe komt nou zo'n liedje tot stand? Hier wordt uitgelegd hoe dat gedaan is:
Je begint met niets. Dan zit je op een dag op de fiets en hoor je in de verte een heel oud liedje, "Don't stop", van Fleetwood Mac. Dat zit dan in je hoofd en je begint het te veranderen. Thuis ging ik achter de piano zitten en heb wat zitten pingelen. Het bleek een goede basis. Het refrein was er, maar nu de coupletten nog.
De coupletten komen uit een oude aantekening van een ander idee voor een liedje dat ik nog had liggen. Dan doe je er iets bij en haalt er iets af. Het moet te zingen zijn, en wel een beetje spanning hebben. Na een tijdje komt er dan iets uit de bus. Dan laat je het horen en voegt iemand soms nog een leuk dingetje toe in de klank.
Meestal wil je op het einde nog even wat extra spanning hebben, dat heet "de brug". Je kunt dan wat standaardtrucjes gebruiken. Ik heb gekozen om het laatste refrein een halve noot hoger te zetten. In de aanloop daarheen moet je daar rekening mee houden. Je moet noten kiezen die kloppen met de oude toonsoort en met de nieuwe. Daardoor komt het altijd een beetje uit de lucht vallen, maar geeft wel extra body aan een liedje. Iedereen weet ook dat daarna weer het refrein komt.
Verder zullen de wat muzikalen onder ons merken dat het couplet in mineur staat (beetje serieuze klank) en het refrein in majeur (iets vrolijker). Dat is een leuke afwisseling die vaak gebruikt wordt. Het eerste couplet gaat over de ochtend, het tweede over de middag en het derde over de avond en nacht. De refreinen gaan over het feit dat het Nawaka om de 4 jaar zijn kop opsteekt en dan weer weggaat, alsof het zinkt als een stad Atlantis. Je moet er dan bij zijn, want het is zo weer voorbij. De brug beschrijft de stad Atlantis met gouden straten en huizen van koraal, de golven spoelen over het land. Uiteindelijk is het een nummer dat steeds vertelt: Hee nawaka, blij dat je er nog bent en dat het nog niet is afgelopen!
Okee, het idee was klaar, maar nu? Ik ben toen begonnen om te bepalen welke instrumenten ik wilde hebben. Drums natuurlijk, basgitaar en piano, elektrische gitaar wellicht, wat opvulklanken als violen en andere geluiden. Toen merkte ik pas wat voor lied het werd, toch meer een rock-ballad. Ik heb eerst de pianopartij ingespeeld op een apart spoor, toen de drums, en daarna de basgitaar (op keyboards). Daarna met wat violen de boel opgevuld en kwam erachter dat ik echte gitaren nodig had. En dat is bijna niet te doen met een keyboard... Eerst maar weer de pianopartij opnieuw spelen, soms moet dat omdat je liedje wat is veranderd.
Intussen schreef ik de tekst voor het lied. Je wilt natuurlijk niet dat het een Sinterklaasgedicht wordt, maar het moet wel enigszins rijmen. Op een gegeven moment heb je een tekst, waarvan je zegt: leuke werktekst, maar nog niet af. Daarmee bepaal je dan hoe het lied moet gaan klinken. Na een paar weken heb ik het flink herschreven zodat de rare zinnen er een beetje uit waren en het verhaal beter liep.
Twee gitaristen van Scoutingcentrum "de Stierop" waren inmiddels flink gevorderd in hun vakmanschap. Ik kwam ze allebei na jaren opeens weer tegen. We hebben een afspraak gemaakt om opnamen te maken. We hebben het nummer achter de piano doorgenomen en de partijen verdeeld. Beiden hadden een compleet andere manier van spelen, zodat ik ze allebei wat partijen heb laten spelen. Niels Kuipers is de jongen die van alles naadloos speelt, maar vaak zijn eigen beeld heeft bij het inspelen, waardoor het soms buiten het lied valt. Stefan Linterman kan prima ingezet worden omdat hij zijn huiswerk doet en uitstekend slaggitaar en "scheur" speelt. Na een dag ploeteren hadden we dan toch een prima set opnamen. Alles op aparte sporen, dus je kunt er nog flink mee knutselen. We waren blij met het resultaat. Maar we zijn nog niet klaar.
Dan komt de taak om de sporen te knippen, alle aanloopjes en "ja nu!" op de sporen moeten eraf. Dan bepaal je de opbouw: hier geen gitaar, hier geen violen en dat soort singen. Je maakt een klankbeeld, dus per instrument bepaal je welke tonen je wat onderdrukt of benadrukt ("equalizing") om geen rommeltje te maken. Je maakt daarna per spoor (instrument) een "mix", dat wil zeggen, je bepaalt met de schuifjes op het mengpaneel het volume gedurende het nummer. Dat kan soms hard zijn, soms zacht. Als je alle sporen hebt gehad, moet je soms nog wat bijschaven. Dit vind ik altijd het moeilijkste van alles; je weet nooit waarom het niet lekker klinkt.
Op het einde moet het ingezongen worden. Dat is lastig! Heb je net een paar feesten gehad, ben je verkouden en de zenuwen doen ook leuk mee. Op een dag lukt het toch aardig. De achtergrondstemmen worden met een apparaat gemaakt, de "vocalist". Dat apparaat zingt met jouw stem mee op de toonhoogte die je speelt op een keyboard. Magic! Daarmee kun je nog wat "koortjes" (aaaaahhhh, ooooh) maken, soms klinkt het totaal niet en som wel, dus dat is een uitdaging op zich. Op het einde is dat ook klaar en maak je de eindmix. Je moet nog wat doen aan de volumes en klanken.
Omdat het opname-apparaat (Roland VS2400CD) alles onthoudt en alle bewegingen van de schuifjes naspeelt, is het wel erg gemakkelijk werken, ook al doen je oren het werk. Als je klaar bent met de eindmix, en alles goed klinkt met elkaar, neem je het op op de PC door alle sporen tegelijk af te spelen. De PC neemt de muziek op met een programma (GoldWave) dat muziek kan opnemen. Ik heb een digitale geluidskaart, dus het geluid wordt verliesvrij overgezet. Op de PC moet je nog wat meer doen. Omdat het volume soms veel wisselt moet je nog wat "compressen"; alle pieken wat indrukken. Dat doe je voor 3 "banden": bassen, middengebied en hoge tonen. Daardoor blijft het geluid wat rustiger en wil je niet steeds aan het volume draaien. Zeker voor radio en kleine afspeelinstallaties moet dit wel, anders gaat het geluidsniveau alle kanten op. Als dat laatste is gedaan knip je het WAV-bestand (dat is de niet-gecomprimeerde MP3 file, zeg maar) precies op lengte. Dan bewaar je hem nog als MP3, voeg je wat extra informatie aan de MP3 toen en je bent klaar.
Uiteindelijk ben je door allerlei dingen wel een paar maanden bezig. Het kan ook in een dag, weekend of week, maar dan moet je een duidelijk idee hebben en veel tijd... Het is soms wel leuk lekker lang te knutselen. Maar als je helemaal klaar bent, hoor je altijd nog wel een raar basje of vals toontje... In elk geval is het lied klaar voor het kamp.
Bron: Kees Wesselius
© Waterscouting.com