Surfen

Hieronder staan de officiële eisen voor het insigne surfen.

1. Demonstreren hoe een plank moet worden onderhouden en de onderdelen benoemen.

2. De plank correct (overeenkomstig de lichaamskracht) tuigen en te water laten.

3. Afvaren van de wal zonder in het water te vallen.

4. De volgende manoeuvres uitvoeren en zeiltermen kennen:
- stand en bediening van het zeil
- overstag gaan
- gijpen
- opkruisen in breed water

5. Van het BPR de bepalingen kennen voor kleine vaartuigen.
Dat zijn de volgende Artikelen:
art. 1.01 lid a, b, b1, i en y
art. 1.05
art. 3.13 lid 5
art. 6.02 lid 2
art. 6.03a
art. 6.04
art. 9.04
art. 9.05
Bijlage 7: tekens A1, A13, A15, A17, E16, E18, E20, G2 en G4.

6. Vijf keer in de juiste houding een uitgezette olympische baan varen.

7. Ongeveer 1 kilometer voor de wind gaan en weer terugkruisen (dit zonder in het water te vallen bij ten minste windkracht 4).

8. De noodmaatregelen toepassen en veiligheid bij het surfen (onder)kennen; onder andere onderkoeling en gebruik van reddingvest.

© Waterscouting.com